Pathways2Resilience (P2R) is een Europees onderzoeks- en innovatieprogramma dat een stappenplan (Regional Resilience Yourney) ontwikkelt om te komen tot een klimaatresistente regio. Tijdens deze reis wordt samen met stakeholders een visie, een actieplan, een investeringsplan en een innovatie-agenda ontwikkeld voor een klimaatresistente regio. Doorloop je deze hele reis goed? Dan heb je aan het eind alle plannen liggen. De Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen (GMR) is samen met 39 andere Europese regio’s uitgekozen om deze methodiek anderhalf jaar lang te volgen. Overkoepelend projectleider Franske van Duuren praat je bij.
Hoe zit het in elkaar?
Franske: De Pathways2Reslilience methodiek is ontwikkeld door 20 partners (zoals onderzoeksinstituten) uit heel Europa. P2R valt onder het Horizon Europa project (2021-2027), dat is een Europees kaderprogramma voor onderzoek en innovatie. Voor P2R zijn honderd regio’s gezocht die de methodiek in de praktijk willen testen. De eerste veertig regio’s – waaronder dus de GMR – zijn sinds september 2024 actief. Na anderhalf jaar volgt de tweede lichting van zestig nieuwe regio’s. Die kunnen voortbouwen op de ervaringen van de eerste lichting pilotregio’s. En zij testen de methodiek dan ook weer anderhalf jaar. Soil Vally en de GMR schreven samen als projectpartners het plan voor dit P2R-project. De GMR is ook aangewezen als één van de vier voorbeeldregio’s. Dat betekent dat we extra begeleiding krijgen op het gebied van investeringen en het inhoudelijke plan. Er wordt ook extra gekeken waar de vier voorbeeldregio’s (of casestudies) in de praktijk tegenaan lopen, en hoe ze verder geholpen kunnen worden om zo de methodiek te verbeteren. ‘
Franske is op twee manieren bij dit P2R-project betrokken: vanuit Soil Valley werkt zij hier inhoudelijk aan met haar collega’s Ouassim Khatraoui en Debbie Appleton. Daarnaast huurde de GMR haar in als overkoepelend projectleider via haar eigen bedrijf, KWAN advies, training en coaching B.V. Samen met Barry de Vries (speerpuntcoördinator Water- en Klimaatadaptatie bij de GMR) en Harriët Tiemens (directeur GMR) trekt zij de kar bij dit project.
Focus op droogte en wateroverlast
Binnen dit klimaatadaptatieproject focussen de GMR en Soil Valley zich op de thema’s droogte en wateroverlast. Franske: ‘We kwamen er al snel achter dat het ingewikkeld is om alles te testen volgens de P2R-methodiek. Daarom ligt onze focus nu eerst op klimaatadaptief bouwen gerelateerd aan droogte en wateroverlast. We hebben binnen de regio tenslotte een grote woningbouwopgave. De GMR moet voor 2040 zo’n 60.000 nieuwe woningen bouwen. Hoe doe je dat dan in natte gebieden? Hoe voorkom je verzakkingen door droogte? Wat zijn goede gebieden om te bouwen? Allemaal vragen waar we tijdens dit traject antwoorden op hopen te vinden.
We hebben er binnen het project van de GMR specifiek voor gekozen om samen te werken met Soil Valley. Omdat Soli Valley de triple helixorganisatie is waar allemaal samenwerkingsverbanden zitten rond het gezonde bodem- en watersysteem. Met triple helix bedoelen we de samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en onderwijs- of kennisinstellingen om economische ontwikkeling te stimuleren. Een gezond bodem- en watersysteem is in dit project rond droogte en wateroverlast heel belangrijk, omdat we met gezonde systemen veel meer water kunnen opvangen en water weer vasthouden. ‘
Complexe samenwerking en beleidslagen
De regio kent een complex samenspel van verschillende plannen en strategieën: er is niet zoiets als één klimaatactieplan. De GMR heeft een eigen visie die is gebaseerd op de analyse Nederland 2120 (NL2120) van de Wageningen Universiteit. Daar zijn kaarten van gemaakt waarop te zien is hoe de GMR er over ongeveer honderd jaar uitziet als we niets doen. Wat zijn dan gebieden die onder water staan, waar zijn dan gebieden waar je moet dan bouwen? Maar binnen de regio zijn ook meerdere DPRA-regio’s (Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie) actief, elk met hun eigen adaptatiestrategieën. Daarnaast zijn er provinciale klimaatakkoorden, waterschappen met het Groen-blauw raamwerk,en lokale gemeentelijke plannen. Dit maakt afstemming en samenwerking essentieel, maar ook uitdagend.
Franske: ‘Om een beeld te krijgen van wat er in de regio zit en waar de gemeenschappelijkheden zitten was best ingewikkeld. We moesten alle documenten doorlezen en met elkaar vergelijken, ze hebben allemaal verschillende indelingen. En dan heb je ook nog de regionale adaptatiestrategieën en de regionale uitvoeringsplannen. En daar tussendoor zijn er specifiek voor de Liemers en de Achterhoek de droogteaanpak Achterhoek en de Liemers. Als je in zo’n complex geheel werkt, wat kunnen wij als GMR dan toevoegen waar anderen iets aan hebben? Eén groot voordeel van het Pathwaysproject is dat we inzichtelijk hebben gemaakt dat afstemming nodig is. En daar wordt nu wel meer op ingezet. Dat is al een hele grote meerwaarde.
Ten tweede zijn we erachter gekomen dat we in onze regio heel goed zijn in het maken van plannen en uitvoeringsplannen, maar dat de meting van de impact van de uitvoering van die plannen eigenlijk achterblijft. We hebben geen goed systeem om van tevoren te meten: dit is de nul-situatie en waar gaan we nou eigenlijk naartoe? En bereiken we nou eigenlijk wat we ooit bedacht hadden dat we wilden bereiken? Soms gebeurt dat wel, maar nog onvoldoende.‘
Klimaatbestendig Bouwen
In de regio is al veel kennis ontwikkeld op het gebied van klimaatbestendig bouwen. Deze kennis integreren we in het project om zo een mooi beeld te schetsen oor de GMR. Daarnaast houden we verschillende bijeenkomsten met stakeholders uit de regio om dit onderwerp te verkennen en tot oplossingen te komen. In het najaar is een bijeenkomst met gemeentes geweest, op 12 januari 2025 een bijeenkomst met de werkgroep Toekomstbestendig Bouwen van de GMR, zodat we de bouwmensen ook erbij hebben. En op 6 februari hebben we een bijeenkomst met allemaal innovators die allerlei oplossingen weten. En daarmee laat je al een stukje van je activiteitenplan tot uitvoering komen.’
Nog even terug naar P2R
Halverwege dit project is een baselinerapport, een 0-situatie, opgeleverd plus een stukje van de visie voor een klimaatbestendige regio. Van 10-12 februari 2026 is in Budapest een afsluitende bijeenkomst waar de oude pilotregio’s hun kennis delen met de nieuwe regio’s en hen op weg helpen. Een oude regio kan mentor worden van een nieuwe regio. En geldt ook voor de GMR. De GMR levert een actieve bijdrage aan het programma in februari . Franske geeft er een presentatie en Harriët zit in paneldiscussie. We hopen dat we daarmee ook weer input krijgen om onze eigen plannen te versterken. In april 2026 moeten alle plannen klaar zijn en daarna komt natuurlijk dan de uitvoering.